Terug naar de beginpaginaCentor Homepage

Deed Oracle in 1995 een terechte keuze voor Java?

J2EE versus Microsoft.NET

Het lijkt de soap-opera van dit decennium te gaan worden: J2EE versus Microsoft.NET. Beide partijen hebben hun aanhangers. Beide partijen hebben hun goede (en slechte...) punten. Oracle koos in '95 voor Java en als logische stap op basis daarvan voor J2EE. Een goede beslissing? In dit artikel wordt iets dieper ingegaan op beide benaderingen.

De enorme opgang van internet in het laatste decennium heeft nieuwe eisen gesteld aan zakelijke applicaties. Er is aangetoond/bewezen dat op browsers gebaseerde applicatie deliveries de kosten gereduceerd hebben en de zakelijke mogelijkheden hebben verveelvoudigd. Partners eisen nu directe toegang tot en integratie met backoffice systemen. Medewerkers verlangen toegang tot hun applicaties zowel op kantoor als onderweg. Klanten veronderstellen dat producten en diensten 24 uur per dag beschikbaar zijn. Technologie en organisaties hebben hun uiterste best gedaan hun infrastructuur op deze nieuwe eisen aan te passen. Op hetzelfde moment dat deze verandering in eisen zich voordeed, doken er twee nieuwe belangrijke applicatie-ontwikkelmodellen op: Java 2 Enterprise Edition (J2EE) en Microsoft.NET. De gedachte achter beide programma's is gelijk: voor het bouwen van een website is een heleboel 'handwerk' nodig, zoals XML interoperability, load-balancing en transactions. In plaats dat je al dat werk stukje bij beetje 'met de hand' gaat zitten doen, kun je natuurlijk ook een applicatie schrijven die al dat werk voor je doet. Zelf kun je dan alle aandacht schenken aan de bedrijfsspecifieke onderdelen van de site. J2EE en .NET zijn evoluties van de bestaande applicatie server technologie die gebruikt wordt voor het bouwen van zakelijke applicaties. Hoewel de eerste versies van deze software oorspronkelijk niet geschikt waren voor het bouwen van websites, hebben beide partijen die deze programmatuur op de markt brengen - Sun (J2EE) en Microsoft (.NET) - onder invloed van de populariteit van internet zich gehaast hun software aan te passen en te herpositioneren als platforms die ook geschikt zijn voor het bouwen van websites.

J2EE
Het Java 2 Platform Enterprise Edition (J2EE) is het server side applicatiemodel voor Java-applicaties. Het werd ontworpen om complexe problemen bij de ontwikkeling, uitbouw en het beheer van multi-tier enterprise solutions het hoofd te kunnen bieden. J2EE is een standaard (geen product; u kunt het dus niet downloaden!) en is het resultaat van de samenwerking van een aantal organisaties onder aanvoering van Sun Microsystems. Al kunt u J2EE dan niet downloaden, dat kunt u her en der op het net wel met een aantal Acrobat PDF-bestanden waarin de overeenstemming wordt beschreven tussen applicaties en de containers waarbinnen deze actief zijn. Zolang beide zijden de J2EE-contracten naleven, kunnen applicaties worden ontwikkeld in een uiteenlopend aantal omgevingen.

.NET
Microsoft.NET (spreek uit: dot NET) is de laatste evolutie van Microsoft's server side applicatiemodel. Microsoft.NET is een productstrategie die organisaties in staat stelt op een makkelijke manier goed uitziende web-diensten te creëren. Het is grotendeels een herziene versie van Windows DNA, dat Microsoft's voorgaande platform was voor het ontwikkelen van enterprise applicaties. Windows DNA omvatte tal van technologieën die hun nut hebben bewezen, zoals o.a. Microsoft Transaction Server (MTS) en COM+, Microsoft Message Queue (MSMQ) en de Microsoft SQL Server Database. Het nieuwe .NET raamwerk vervangt al deze technologieën en biedt ook nog een web services layer evenals een verbeterde taalondersteuning. Voor beide zijn aanhangers te vinden. De één geeft de voorkeur aan deze; de andere aan die. Maar wees alert op wat u met elkaar vergelijkt. J2EE is een specificatie op zich. Een rijke schakering aan ontwikkelaars (waaronder Oracle, IBM, BEA) hanteren J2EE in hun applicatieservers en tal van aanbieders bouwen producten op basis van die specificatie. Ze concurreren daarin met elkaar en wedijveren derhalve om een steeds betere applicatie neer te zetten. Dat is gunstig voor de gebruiker. .NET daarentegen is een verzamelpunt van veel Microsoft-zaken. Op programmeerniveau is het een server-side applicatiemodel met kenmerken die lijken op die van J2SE, J2EE en J2ME (de drie groepen waaruit het brede Java-platform bestaat). Verwarrend in de vergelijking met J2EE is echter dat Microsoft.NET een merknaam is voor producten op basis van dit .NET-raamwerk.

Moeilijke keuze
De keuze tussen J2EE en .NET is een strategische enterprise platform beslissing en moet niet worden gezien als een tactisch, technologisch besluit. Er zijn zondermeer belangrijke, technische zaken die onder de loep moeten worden genomen, maar de uiteindelijke keuze moet worden gemaakt door te begrijpen wat de zakelijk belangrijke punten zijn. De toekomstige impact van kosten, flexibiliteit en risico's zijn groot en overtreffen vaak de initiële investering in de een of andere architectuur. Oracle heeft in 1995 voor Java gekozen. Een keuze gebaseerd op duidelijke, zakelijke pluspunten die dat platform heeft te bieden. De vergaande integratie van Java en J2EE met in het bedrijfsleven toonaangevende programmatuur als Oracle 9i Application Server, Oracle Developer Suite en Oracle 9i Database, zijn er getuige van wat deze investering teweeg heeft gebracht. Ondanks de komst van Microsoft.NET blijkt de keuze van Oracle nog altijd een goede. De onderliggende zakelijke en technische waarden van open standaarden, de vrijheid van keuze, de portabiliteit en het met elkaar kunnen samenwerken (interoperability) doen de weegschaal nog altijd nadrukkelijk doorslaan ten gunste van J2EE dan van de door slechts één organisatie ondersteunde monopolistische aanpak van Microsoft.NET.

Bronnen waren o.a. 'J2EE en Microsoft.NET, an Oracle white paper' en 'J2EE vs. Microsoft.NET' (door Chad Vawter and Ed Roman).